
Het patroon achter de chaos op grote netwerkprojecten
De hoogwerker staat er en je ploeg begon om zeven uur. Bij de vierde camera stopt het werk. Het serienummer op de doos hoort bij een andere camera dan die erin zit. De kabel die volgens de tekening in de gang ligt, komt uit in de ruimte ernaast. Op twee camera's is hetzelfde IP-adres ingesteld.
Herkenbaar? Dan is dit geen pech. Corné Broere, Product Manager bij ZEM, ziet op grote projecten steeds dezelfde vier punten misgaan. In deze blog vertelt hij welke.
Je ontwerpt op een tekening die achterloopt
Je krijgt een tekening en maakt daarop je netwerkontwerp. Per poort leg je vast welk apparaat daar komt te hangen. Je programmeert de switches precies zoals afgesproken.
Alleen is die tekening bij aanlevering al maanden oud. Tijdens de bouw verschuift een wand, krijgt een ruimte een andere functie of verhuist een patchkast naar een andere verdieping. Dat hoort bij bouwen. Het punt is dat die wijzigingen via de aannemer en de installateur lopen, niet via jou.
Jouw ontwerp gaat dus over het gebouw zoals het er een half jaar eerder uitzag. Op de bouwdag merk je dat als eerste aan de kabels: die liggen niet waar je ontwerp ze verwacht. Collega's op andere projecten vertellen hetzelfde.
De apparaten stelde iemand anders maanden eerder in
Honderden apparaten stel je niet op de bouwplaats in. Dat gebeurt maanden vooraf, vaak door een ploeg die daarvoor is ingehuurd. Elk apparaat krijgt een vast IP-adres, een naam en een label op de doos. Steeds dezelfde handeling, dagen achter elkaar.
Tegen het eind van zo'n dag gaat er iets mis. Iemand kopieert een reeks en past het laatste getal niet aan, waardoor op twee camera's hetzelfde IP-adres komt te staan. Camera A gaat in het doosje van camera B.
Op de bouwdag pakt je monteur de doos en leest het label. Het serienummer achterop de camera controleert hij niet, want de hoogwerker wacht. Zo hangt een apparaat op de goede plek met het verkeerde adres, of op de verkeerde plek met het goede.
Op grote projecten geldt een vuistregel die je zelden hardop hoort: hangt dertig procent in één keer helemaal goed, dan deed je het goed. Voor de rest moet je nog een keer langs.
Iedereen deed zijn deel goed, en toch werkt het niet
Het werkt niet, dus ga je uitzoeken wie de fout maakte. Vervolgens blijkt dat niemand die gemaakt heeft.
De aannemer stak de kabel erin en zag het lampje branden. De leverancier leverde wat de order voorschreef. De ploeg die de apparaten instelde, werkte de lijst af die ze kreeg. De bouw voerde de wijzigingen door die de klant vroeg. Allemaal netjes binnen de eigen opdracht.
Alle andere partijen vallen dus af, en de vraag komt bij jou terecht, omdat jij het netwerk aanlegde. Iedereen is eigenaar van zijn eigen deel. Niemand van het geheel.
In een dichtgezet netwerk werken de oude trucs niet meer
Bij tien camera's op één plat netwerk kost zo'n fout je een kwartier. Je prikt je laptop in een vrije poort, zoekt uit welk apparaat waar hangt, past het aan en je bent klaar.
In een groot en beveiligd netwerk lukt dat niet meer. De klant eist scheiding: het cameranetwerk staat los van de intercom, de intercom los van de toegangscontrole. Adressen deelt het netwerk niet uit, die staan vast ingesteld. Ongebruikte poorten staan dicht.
Je laptop in een vrije poort prikken levert dus niets op, want die poort staat uit. Trek je een camera los om je eigen apparaat aan te sluiten, dan ziet de switch een onbekend MAC-adres en gooit de poort op slot. Dat is geen storing, dat is de beveiliging die precies doet wat de klant vroeg.
Het maakt je werk wel lastiger. Voor elke correctie op de bouwplaats heb je iemand nodig die de switch mag aanpassen. Zo is je beste engineer dag in dag uit poorten aan het openzetten, terwijl hij netwerken hoort te bouwen.
De uren staan op geen enkele begrotingsregel
Deze uren staan nergens apart in je calculatie. Ze zitten in de rit terug naar de locatie, in de engineer die staat te bellen op de bouwplaats, in de avond dat iemand uitzoekt waar camera 812 hangt.
Als het knelt, blijft er één oplossing over die je op dat moment hebt: er meer uren in stoppen. Meer mensen, langer doorwerken, duurdere inhuur. Dat geld gaat niet naar het bouwen van het netwerk, maar naar het achterhalen wat er staat.
Dit is geen pech, dit is een patroon
Komt hetzelfde bij elk groot project terug, op dezelfde momenten en om dezelfde redenen?
Dan is dat geen kwestie van pech. Dan heb je een patroon.
Dat is goed nieuws, want je weet waar het zit. Niet in de techniek. De switches doen het, de apparaten doen het, je engineers weten wat ze doen. Het zit in de manier waarop de informatie loopt. Een tekening in de mail, een lijst in Excel en drie mensen die alle drie iets weten wat de anderen missen: prima bij vijftig poorten. Boven een paar honderd apparaten houdt het op.
Loop je laatste grote project eens langs deze vier punten. Kijk waar de uren echt weglekten. Zie je alle vier terug, kijk dan welke stap in je werkwijze niet meegroeide met de grootte van het project. Een extra tool lost dat zelden op. Daarover volgende maand meer.